Jaarruimte berekenen in 2026

Jaarruimte berekenen in 2026: zo werkt het

Bouwt u te weinig pensioen op via uw werkgever, of bent u ZZP’er zonder pensioenregeling? Dan mag u dat zelf aanvullen met een flink belastingvoordeel. Het bedrag dat u daarvoor jaarlijks mag gebruiken heet de jaarruimte. In 2026 loopt dat op tot € 35.589, waarvan u tot bijna de helft terugkrijgt via de belasting. Hieronder leest u wat jaarruimte precies is, hoe u uw jaarruimte kunt berekenen en wat u er vervolgens mee kunt doen.

Wat is jaarruimte?

Jaarruimte is het bedrag dat u in een kalenderjaar fiscaal voordelig mag inleggen in een erkend pensioenproduct, zoals een lijfrente of een pensioenbeleggingsrekening. Wat u binnen die ruimte inlegt, trekt u af van uw belastbaar inkomen in box 1. Daardoor betaalt u direct minder inkomstenbelasting.

De achterliggende gedachte is eenvoudig. De overheid vindt namelijk dat iedereen voldoende pensioen moet opbouwen. Bouwt u via uw werkgever al een volledig pensioen op, dan heeft u die extra ruimte niet nodig. Maar bouwt u minder op dan fiscaal is toegestaan, dat heet een pensioentekort, dan mag u het verschil zelf aanvullen met belastingvoordeel.

U heeft dus alleen jaarruimte wanneer er sprake is van zo’n pensioentekort. Voor ZZP’ers geldt dat vrijwel altijd, omdat zij helemaal geen werkgeverspensioen opbouwen. Voor werknemers hangt het af van de kwaliteit van hun pensioenregeling.

Belangrijk om te weten: uw jaarruimte voor 2026 baseert u op uw inkomen en pensioenopbouw uit 2025. U kijkt dus altijd een jaar terug.

Wie heeft jaarruimte?

Jaarruimte bestaat niet alleen voor zelfstandigen. Deze groepen hebben er doorgaans het meest aan:

ZZP’ers en freelancers bouwen geen pensioen op via een werkgever. Hun jaarruimte is daardoor het hoogst, omdat de volledige fiscale ruimte tot hun beschikking staat.

Werknemers met een bescheiden pensioenregeling werken bij een werkgever die weinig of geen pensioen aanbiedt. Dat komt vaker voor in sectoren zonder verplicht bedrijfstakpensioenfonds.

Parttimers bouwen pensioen op naar rato van hun arbeidsuren. Wie drie dagen per week werkt, bouwt immers ook maar drie vijfde van het voltijdpensioen op en houdt daardoor fiscale ruimte over.

Baanwisselaars en herstarters hebben soms een periode zonder pensioenopbouw gehad, bijvoorbeeld tussen twee banen in of tijdens een jaar als zelfstandige.

Mensen met een hoger inkomen krijgen te maken met pensioenregelingen die vaak niet het volledige salaris meenemen. Boven een bepaald inkomen ontstaat daardoor extra ruimte.

Werkt u bij een werkgever met een uitstekende regeling die uw hele salaris meeneemt? Dan is uw jaarruimte mogelijk nul. Dat is echter geen probleem: het betekent simpelweg dat u al genoeg opbouwt.

Jaarruimte berekenen: de formule

Voor het berekenen van uw jaarruimte gebruikt u een vaste formule:

Jaarruimte = 30% × (inkomen − AOW-franchise) − 6,27 × factor A

Hieronder loopt u de onderdelen één voor één langs.

Uw inkomen

Werkt u in loondienst? Dan gebruikt u uw bruto jaarinkomen, te vinden op uw jaaropgave. Bent u ondernemer, dan neemt u de winst uit onderneming vóór ondernemersaftrek uit uw aangifte inkomstenbelasting.

Het maximale inkomen dat meetelt bedraagt in 2026 € 137.800. Verdient u meer, dan telt het meerdere niet mee voor de berekening.

De AOW-franchise

De AOW-franchise is het deel van uw inkomen waarover u geen aanvullend pensioen hoeft op te bouwen. Daarvoor ontvangt u later immers AOW. Dat bedrag gaat er dus altijd vanaf.

In 2026 bedraagt de AOW-franchise voor deze berekening € 19.172. Dit bedrag geldt zowel voor werknemers als voor ondernemers.

De factor A

De factor A staat voor de pensioenaangroei die u in het voorgaande jaar via uw werkgever heeft opgebouwd. Hoe hoger die factor A, hoe minder jaarruimte u overhoudt. U bouwt dan namelijk al pensioen op.

Deze factor vindt u op uw Uniform Pensioenoverzicht (UPO), dat u jaarlijks van uw pensioenuitvoerder ontvangt. Weet u niet waar u pensioen opbouwt? Log dan in op mijnpensioenoverzicht.nl voor een compleet overzicht. Heeft u bij meerdere werkgevers opgebouwd, tel dan alle factor A-bedragen bij elkaar op.

Bent u het hele jaar ZZP’er geweest zonder pensioenopbouw via een werkgever? In dat geval is uw factor A nul en vervalt het tweede deel van de formule.

Het maximum in 2026

De maximale jaarruimte bedraagt in 2026 € 35.589. Dat bedrag bereikt u bij een inkomen van € 137.800 of hoger zonder werkgeverspensioen: 30% × (€ 137.800 − € 19.172) = € 35.588.

Wilt u niet zelf rekenen? Gebruik dan onze rekentool om uw jaarruimte te berekenen.

Jaarruimte berekenen: drie rekenvoorbeelden

Thomas, fulltime ZZP’er

Thomas had in 2025 een winst uit onderneming van € 70.000. Hij bouwt geen pensioen op via een werkgever, dus zijn factor A is nul.

30% × (€ 70.000 − € 19.172) = 30% × € 50.828 = € 15.248

Thomas mag in 2026 dus € 15.248 fiscaal voordelig inleggen. Valt hij in het toptarief van 49,5%, dan ontvangt hij daarvan ruim € 7.500 terug via zijn aangifte. Netto kost de inleg hem daardoor circa € 7.700, terwijl er wel € 15.248 voor zijn pensioen opzij staat.

Nadia, werknemer met een beperkte regeling

Nadia verdiende in 2025 € 55.000 in loondienst. Op haar UPO staat een factor A van € 900.

30% × (€ 55.000 − € 19.172) = € 10.748 € 10.748 − (6,27 × € 900) = € 10.748 − € 5.643 = € 5.105

Zij heeft dus € 5.105 aan jaarruimte. Bij een belastingtarief van 36,97% levert een volledige inleg haar circa € 1.890 aan belastingteruggave op.

Peter, werknemer met een volledige regeling

Peter verdiende in 2025 € 60.000 en heeft een goede pensioenregeling met een factor A van € 2.200.

30% × (€ 60.000 − € 19.172) = € 12.248 € 12.248 − (6,27 × € 2.200) = € 12.248 − € 13.794 = € 0

Voor Peter blijft er geen jaarruimte over. Zijn werkgeverspensioen dekt namelijk de volledige fiscale ruimte. Toch kan hij mogelijk nog gebruikmaken van reserveringsruimte uit eerdere jaren, toen zijn situatie anders was.

Wat kunt u met uw jaarruimte doen?

U benut de jaarruimte door in te leggen in een fiscaal erkend pensioenproduct. Alleen die producten geven namelijk recht op belastingaftrek. Een gewone spaar- of beleggingsrekening telt dus niet mee: daar is de inleg niet aftrekbaar en het vermogen valt gewoon in box 3.

Pensioenbeleggingsrekening (bancaire lijfrente); Hierbij belegt u de inleg in fondsen, ETF’s, aandelen of obligaties. Op de lange termijn levert beleggen historisch gezien het meeste rendement op. Bij overlijden vóór de uitkeringsdatum valt het saldo bovendien in uw nalatenschap. Veel mensen met nog tien jaar of meer tot hun pensioendatum kiezen hiervoor.

Pensioenspaarrekening (bancaire lijfrente); Hierbij spaart u tegen een vaste of variabele rente, zonder beleggingsrisico. Veilig dus, al houdt het rendement op de lange termijn mogelijk geen gelijke tred met de inflatie. Vooral passend voor wie dicht bij de pensioendatum zit.

Lijfrenteverzekering; Deze loopt via een verzekeraar. U kunt er extra dekkingen aan koppelen, bijvoorbeeld een nabestaandenpensioen. De polisvoorwaarden bepalen echter wat er bij overlijden met het opgebouwde vermogen gebeurt. Let daarom goed op de kostenstructuur.

Die kosten verdienen sowieso aandacht. Over een looptijd van twintig tot dertig jaar heeft een verschil van een half procentpunt aan jaarlijkse kosten namelijk een groot effect op uw eindvermogen. Vergelijk daarom eerst de aanbieders van pensioenproducten.

Wat levert het fiscaal op?

Het benutten van uw jaarruimte geeft u drie fiscale voordelen.

Directe belastingteruggave. Uw inleg is aftrekbaar in box 1 tegen uw marginale belastingtarief. Afhankelijk van uw inkomen krijgt u dus 36,97% tot 49,5% terug via uw aangifte.

Belastingtarief Teruggave bij € 10.000 inleg
36,97% € 3.697
49,50% € 4.950

Geen box 3-belasting tijdens de opbouw. Het vermogen op uw pensioenrekening telt niet mee als vermogen in box 3. Daardoor betaalt u er geen vermogensrendementheffing over, ook niet na de aankomende veranderingen in het box 3-stelsel. Uw vermogen groeit dus onbelast door.

Een lager tarief bij uitkering. Bij pensionering betaalt u weliswaar inkomstenbelasting over de uitkeringen in box 1. Zodra u de AOW-leeftijd bereikt, vervalt echter de AOW-premie in uw belastingtarief. Als gepensioneerde betaalt u daardoor merkbaar minder belasting over hetzelfde inkomen dan tijdens uw werkzame leven.

Jaarruimte en reserveringsruimte: het verschil

Deze twee begrippen worden vaak door elkaar gehaald, maar ze betekenen iets anders.

Jaarruimte is de fiscale ruimte van het huidige jaar, gebaseerd op uw inkomen van vorig jaar. Benut u die niet, dan verdwijnt hij overigens niet meteen: hij schuift door naar uw reserveringsruimte.

Reserveringsruimte is de optelsom van onbenutte jaarruimtes uit de afgelopen tien jaar. Daarvan mag u in 2026 maximaal € 42.753 benutten, bovenop uw reguliere jaarruimte.

Samen kunt u in 2026 dus maximaal € 35.589 + € 42.753 = € 78.342 fiscaal voordelig inleggen.

Heeft u beide? Benut dan altijd eerst de oudste reserveringsruimte. Die vervalt namelijk na tien jaar, terwijl uw jaarruimte van dit jaar nog tien jaar meegaat. In 2026 vervalt de onbenutte ruimte uit 2016 definitief.

Bereken hier uw reserveringsruimte.

In vijf stappen uw jaarruimte benutten

Verzamel uw gegevens

Om te beginnen heeft u uw bruto jaarinkomen of winst uit onderneming van 2025 nodig. Werkt u in loondienst, zorg dan ook voor uw factor A van het UPO.

Bereken uw ruimte

Vervolgens vult u die gegevens in. Met onze rekentool kunt u uw jaarruimte berekenen op basis van uw persoonlijke situatie.

Controleer eerdere jaren

Heeft u voorgaande jaren laten liggen? Kijk dan ook of er reserveringsruimte openstaat. Bereken wat u nog kunt inhalen.

Kies een product en aanbieder

Bepaal daarna op basis van uw horizon en risicobereidheid of u wilt beleggen of sparen. Vergelijk vervolgens de aanbieders op kosten en voorwaarden.

Leg in en trek af

Zorg tot slot dat het bedrag vóór 31 december op uw pensioenrekening staat. Geef het daarna op bij uw aangifte inkomstenbelasting onder “uitgaven voor inkomensvoorzieningen”. De teruggave ontvangt u dan automatisch.

Waar moet u op letten?

Leg nooit meer in dan uw ruimte toestaat. Inleg boven de jaarruimte is niet aftrekbaar, maar bij uitkering betaalt u er wél belasting over. Bovendien kan de Belastingdienst revisierente opleggen. Bereken uw ruimte dus altijd vooraf.

Uw geld staat vast tot de pensioendatum. Tussentijds opnemen kan niet zonder forse fiscale gevolgen. Leg daarom alleen geld in dat u tot uw pensioen kunt missen.

Controleer of uw product fiscaal erkend is. Uitsluitend een lijfrenterekening, lijfrenteverzekering of bankspaarproduct voor pensioen geeft recht op aftrek.

Herhaal de berekening elk jaar. Uw ruimte verandert namelijk mee met uw inkomen en pensioenopbouw. Controleer daarom jaarlijks opnieuw hoeveel u mag inleggen.


Veelgestelde vragen over jaarruimte berekenen

Wat is jaarruimte precies?

Jaarruimte is het bedrag dat u in een kalenderjaar fiscaal voordelig mag inleggen in een erkend pensioenproduct, zoals een lijfrente of pensioenbeleggingsrekening. De inleg is aftrekbaar van uw belastbaar inkomen in box 1. U heeft echter alleen jaarruimte wanneer er volgens de fiscale regels sprake is van een pensioentekort.

Hoe kan ik mijn jaarruimte berekenen in 2026?

De formule luidt: 30% × (inkomen 2025 − AOW-franchise van € 19.172) − 6,27 × factor A. Voor ZZP’ers zonder werkgeverspensioen is de factor A nul, waardoor de berekening eenvoudiger wordt. De maximale jaarruimte bedraagt in 2026 € 35.589. Met onze rekentool kunt u uw jaarruimte berekenen op basis van uw eigen gegevens.

Waar vind ik mijn factor A?

De factor A staat op uw Uniform Pensioenoverzicht (UPO), dat uw pensioenuitvoerder jaarlijks verstuurt. Voor de jaarruimte van 2026 gebruikt u de factor A van 2025. Weet u niet waar u pensioen opbouwt? Kijk dan op mijnpensioenoverzicht.nl.

Hebben werknemers ook jaarruimte?

Ja, mits hun werkgeverspensioen onvoldoende is om de volledige fiscale ruimte te vullen. Werknemers met een uitstekende regeling houden vaak weinig of niets over. Parttimers, mensen met een bescheiden regeling en baanwisselaars hebben daarentegen doorgaans wel ruimte.

Wanneer moet ik inleggen om af te kunnen trekken?

Zorg dat de storting vóór 31 december van het belastingjaar op uw pensioenrekening staat. Leg bij voorkeur uiterlijk 28 december in, zodat een vertraging bij de bank u niet in de problemen brengt.

Wat is het verschil tussen jaarruimte en reserveringsruimte?

Jaarruimte is de fiscale ruimte van het huidige jaar, gebaseerd op uw inkomen van vorig jaar. Reserveringsruimte daarentegen is de optelsom van onbenutte jaarruimtes uit de afgelopen tien jaar. In 2026 kunt u maximaal € 35.589 aan jaarruimte en € 42.753 aan reserveringsruimte benutten, samen dus € 78.342.

Kan ik jaarruimte gebruiken zonder pensioentekort?

Nee. De regeling bestaat juist om een fiscaal pensioentekort aan te vullen. Bouwt u via uw werkgever al de volledige toegestane ruimte op, dan is uw jaarruimte nul en mag u geen aftrekbare inleg doen.

Wat gebeurt er als ik te veel inleg?

Het meerdere is niet aftrekbaar in uw aangifte, terwijl u bij uitkering wél belasting betaalt over dat bedrag. Daardoor wordt u in feite dubbel belast. Ook kan de Belastingdienst revisierente opleggen. Bereken uw ruimte daarom altijd voordat u inlegt.


DISCLAIMER

BelegNuVoorLater.nl is een onafhankelijk informatie- en vergelijkingsplatform. De informatie in dit artikel is algemeen van aard en vormt geen persoonlijk financieel of fiscaal advies. De genoemde bedragen en percentages zijn gebaseerd op de regelgeving per 2026 en kunnen jaarlijks wijzigen. Raadpleeg een financieel adviseur of belastingadviseur voor advies afgestemd op uw persoonlijke situatie.

Meer nieuws en inzichten

Poppetje links